Wildiers, Max (eigenlijk Norbert M.)

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Antwerpen 29 juli 1904 – Ekeren 17 augustus 1996). Zoon van Emiel Wildiers en broer van Frans Wildiers.

Was afkomstig uit een uitgesproken Vlaamsgezind en christen- democratisch milieu en raakte al vroeg betrokken bij de activiteiten van zowel de Vlaamse studentenbonden als de sociale kringen voor arbeiderskinderen in de Antwerpse volkse parochies. Voor zijn humaniora stuurde Wildiers' vader hem naar het college van Neerpelt, toen het enige Belgische college met een Nederlandstalige humaniora. Wildiers werkte mee aan De Student, en was ooggetuige van het neerschieten van Herman van den Reeck tijdens de 11 juli-stoet in Antwerpen (1920). In 1923 trad hij in bij de kapucijnen. Aan de Gregoriana in Rome promoveerde hij met een studie over het theologisch werk van Albert Schweitzer. Na zijn terugkeer werd hij professor aan het seminarie van zijn orde in Izegem. Zijn onvrede met de (neo)thomistische lesinhouden maakte in 1940 een einde aan deze opdracht. Hij begon de studies biologie in Leuven en gaf les aan de Sociale School in Heverlee en aan de Katholieke Vlaamse Hogeschool voor Vrouwen in Antwerpen. Samen met Maurits van Haegendoren weerde hij Duitse én franskiljonse invloeden uit de scoutsbeweging. De oorlog en zijn nasleep tekenden Wildiers uitermate. Geconfronteerd met de excessen van de repressie – ook in de eigen familie – lenigde hij met ingezamelde gelden de materiële nood van vele Vlaamse gezinnen en sprak hij voor menig groot of klein 'collaborateur' ten beste. Als medestichter en aalmoezenier van de Zilvermeeuwtjes moest hij optornen tegen de obstructiepolitiek van kardinaal Ernest-Joseph van Roey. Voorts was hij onder meer raadsman en bestuurslid van Boekengilde De Clauwaert. Decennialang bleef Wildiers een vurig pleitbezorger van de amnestiegedachte.

In 1950 vestigde Wildiers zich in Sint-Job-in-'t-Goor en wijdde er zich vooral aan studie en wetenschappelijk werk. Hij werd onder andere specialist en mede-uitgever van het theologisch-filosofisch werk van de Franse paleontoloog Teilhard de Chardin en droeg via publicaties en voordrachten als geen ander bij tot de verspreiding van diens – door Rome veroordeelde – ideeëngoed. Ook Wildiers zelf rekende in zijn publicaties definitief af met een neothomistisch geïnspireerd en een door de natuurwetenschappen achterhaald wereldbeeld. Het in 1973 verschenen en daarna verscheidene keren herwerkte Wereldbeeld en Theologie bood een goede synthese van zijn opvattingen. Zijn wetenschappelijk werk leidde vanaf de jaren 1960 tot verscheidene doceeropdrachten aan Amerikaanse universiteiten. Ook aan de Leuvense universiteit kreeg Wildiers vanaf 1969 een opdracht, doch slechts nadat, door de splitsing van deze instelling, het Franstalig veto tegen hem was weggevallen.

Als productief publicist over theologisch-filosofische en cultureel-historische thema's en veelgevraagd spreker gaf Wildiers steeds blijk van een Vlaams en sociaal geëngageerd gedachtegoed. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte hij mee aan Nieuw Vlaanderen. In De Standaard gaf hij vanaf de jaren 1950, vooral onder het pseudoniem van Scrutator zijn visie ten beste over de actualiteit en lag hij aan de basis van de Standaard der Letteren. Hij bleef pleiten voor een zo ruim mogelijke Vlaamse zelfstandigheid, voor een autonoom, democratisch Vlaanderen met een grote Europese en mondiale openheid. Het Vlaamse beleid inzake onderwijs, wetenschap, onderzoek en kunst en cultuur volgde hij kritisch, hierbij waarschuwend voor zelfingenomenheid of een al te grote dominantie van technisch-industriële en economische overwegingen. Vanaf de jaren 1980 ook door de Vlaamse overheid meermaals gelauwerd omwille van zijn wetenschappelijke en maatschappelijke verdiensten, bleef Wildiers contacten onderhouden met Vlaamse tenoren uit de politieke, cultureel-wetenschappelijke en sociaal-economische wereld.

Werken

Wereldbeeld en Theologie van de Middeleeuwen tot vandaag, 1973.

Literatuur

J. Florquin, Ten huize van.., VII, 1971; 
G. Durnez, De Standaard. Het levensverhaal van een Vlaamse krant, II, 1993; 
KADOC-Inventaris van het archief Norbertus Max Wildiers, 1993.

Verwijzingen

zie: De Clauwaert.

Auteur(s)

Godfried Kwanten