Vrijdaghs, Paul

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Sint-Truiden 5 juli 1886 – Bad Godesberg 9 februari 1965). Broer van Jozef Vrijdaghs.

Kwam uit een katholieke familie maar kreeg al vroeg de naam een vrijzinnige te zijn geworden. Vrijdaghs behaalde in 1908 te Leuven een doctoraat in de Germaanse filologie en werd leraar aan de athenea van Brugge, Bergen, Gent, Chimay en te Luik (tot einde september 1917). In Luik profileerde hij zich in debatten met wallinganten en deed er vermoedelijk sterke anti-Waalse gevoelens op. Hij was zijdelings betrokken bij de taalgrenswerking.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog vond Vrijdaghs snel contact met de Duitse bezettingsautoriteiten en hielp deze om in Limburg een collaborerend weekblad op te zetten. Hij werd in 1917 in Brussel benoemd tot inspecteur van het middelbaar onderwijs en trad toe tot de Raad van Vlaanderen. Hij was erg radicaal en werd om die reden geweerd als afgevaardigde van Limburg toen de Tweede Raad begin 1918 moest 'verkozen' worden door de plaatselijke militanten. Hij werd opgevist door de vrijzinnige activisten van Leuven en zo toch verkozen. Hij zou nog vaak proberen om zijn radicale anti-Belgische denkbeelden in Limburg te verspreiden maar zowel de Duitsers als het plaatselijke netwerk blokkeerden tot zijn grote woede zijn activiteiten terzake. In 1918 werd hij lid van de commissie om de toepassing der nieuwe bepalingen betreffende het gebruik der voertaal in het onderwijs te verzekeren.

Op het einde van de oorlog vluchtte Vrijdaghs samen met zijn broer Jozef en met Antoon-Alfons Plevoets naar Den Haag. Nadat hij enige tijd leraar was geweest te Drachten (Friesland), keerde hij terug naar Den Haag, waar hij zijn leraarsfunctie opnieuw opnam. In Nederland kwam hij in contact met de Duitse ambassade. Hij vertrok naar Duitsland, waar hij zich eerst te Berlijn, later te Bonn vestigde en er vertaalwerk deed. Van daaruit verspreidde hij in Vlaanderen propaganda voor uiterst-rechtse stromingen, later voor het nationaal-socialisme. Hij was overtuigd dat enkel een agressief optredend Duitsland Vlaanderen kon redden. Eind de jaren 1930 probeerde hij in Duitsland nog fondsen los te weken om als kandidaat van de Duitstaligen in de Oostkantons in het Belgische parlement te geraken. Hij intrigeerde ook tegen steunverlening aan het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) dat volgens hem te katholiek en niet anti-Belgisch genoeg was.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Vrijdaghs in Duitse dienst. Zo trad hij onder meer te Parijs op als tolk bij de onderhandelingen van de Duitse ambassadeur Otto von Abetz met de regering van Vichy. Vanuit Duitsland speelde hij ook een rol in de collaboratie in België. Hij steunde de SS en de Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap (DeVlag). Zo was hij redacteur van het te Berlijn verschijnende weekblad der Vlaamse arbeiders in het Rijk, Fremdsprachenverlag.

Literatuur

 A.L. Faingnaert, Verraad of zelfverdediging?, 1933; 
M. van de Velde, Geschiedenis van de Jong Vlaamsche Beweging, 1941; 
D. Vanacker, Het aktivistisch avontuur, 1991; 
B. de Wever, Greep naar de macht. Vlaams-nationalisme en Nieuwe Orde. Het VNV 1933-1945, 1994.

Auteur(s)

Marie-Jeanne Leemans; Luc Vandeweyer