Vlaemsch Midden-Comiteit

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(soms Middencomiteit), Vlaamsgezind genootschap te Brussel (1849-1857).

Aan een Vlaemsch Midden-Comiteit werd voor het eerst in augustus 1849 gedacht. Toen beslisten Michiel van der Voort en enkele Brusselse flaminganten een comité te stichten om een algemeen petitionnement te organiseren naar aanleiding van de bespreking van de wet op het middelbaar onderwijs. Op 25 december 1849 werd het bewuste comité in het stadhuis te Brussel boven de doopvont gehouden. Vanaf het begin werd het Midden-Comiteit gedomineerd door de Brusselse leden zoals Van der Voort, Johan M. Dautzenberg, Karel F. Stallaert en Felix vande Sande.

De vereniging koppelde de Vlaamse kwestie aan de onderwijskwestie. Ze ijverde concreet voor de volledige vernederlandsing van het lager- en middelbaar onderwijs in Vlaanderen. Voor Brussel werd alleen de vernederlandsing van het lager onderwijs geëist omdat kennis van het Frans in die stad onontbeerlijk werd geacht.

Zoals de benaming Midden-Comiteit aanduidt, werd het van meet af aan ruimer gezien dan een plaatselijk genootschap. Het was inderdaad de bedoeling te komen tot een overkoepelende organisatie van Vlaamsgezinde verenigingen, maar dit doel werd nooit bereikt.

Het Midden-Comiteit werkte gedurende zijn hele bestaan met dezelfde middelen: petitionnementen, opstellen van vertogen, artikelen in tijdschriften en bladen, vlugschriften... Deze werden onder andere gepubliceerd in het maandblad De Vlaemsche Beweging. Vooral van 1850 tot 1853 werd een intense werking ontplooid om het Midden-Comiteit naambekendheid te geven. De jaren 1855 en 1856 vormden het hoogtepunt met de medewerking aan de totstandkoming van de Grievencommissie in 1856. Zo werd in 1855 een voorbereidende klachtenlijst rondgestuurd om de door de commissie te behandelen problemen te kunnen omschrijven en verschillende leden van het Midden-Comiteit waren lid van de Grievencommissie. De mislukking van deze commissie betekende echter ook het falen van de traditionele actiemiddelen van het Midden-Comiteit. Vanaf 1857 werden nog geregeld petities georganiseerd om allerlei wantoestanden op taalkundig vlak aan te klagen. Na 1857 ontplooide het Midden-Comiteit echter geen activiteiten meer en stierf het wellicht een stille dood.

Gedurende haar bestaan kon op het Midden-Comiteit geen politiek etiket geplakt worden: het bekende zich nooit tot het liberale of katholieke kamp.

Literatuur

E. Gubin, Bruxelles au XIXe siècle: berceau d'un flamingantisme démocratique (1840-1873), 1979.

Auteur(s)

Guy Lernout; Sam van Clemen