Verbond van het Vlaams Overheidspersoneel (VVO)

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

vereniging van Vlaamse ambtenaren opgericht in 1957, ter bevordering van de Nederlandse cultuur en vooral ter behartiging van de Vlaamse belangen in overheidsdienst.

Het VVO, dat als de opvolger van het vooroorlogse Verbond van het Vlaamsch Personeel der Openbare Besturen kan beschouwd worden, kreeg sinds de taalwetgeving van 1963 waarin ook de vernederlandsing van het bedrijfsleven aan bod komt, nieuwe taken op dit terrein.

De manifeste onwil om de taalwetten na te leven, bracht het VVO ertoe te ijveren voor structuurhervormingen in de overheidsadministratie. Het VVO is dagdagelijks vooral achter de schermen actief op dit terrein, bijvoorbeeld door het opstellen van schriftelijke vragen, wetsvoorstellen en interpellatieverzoeken voor 'bevriende' parlementsleden. Het VVO verwierf na enige tijd de status van erkende vakbond wat het verbond de gelegenheid biedt als rechtspersoon op te treden in gedingen voor de Raad van State, ontwerpen van taalkaders te amenderen en beroep te doen als belangengroep op de Vaste Commissie voor Taaltoezicht.

Het VVO treedt naar buiten met de publicatie van manifesten waarin algemene standpunten met betrekking tot Vlaanderen worden gepropageerd. Zo werd in 1968 duidelijk gepleit voor eigen politieke structuren voor de Vlaamse gemeenschap (manifest 31 mei 1968) en stelde het VVO zich onder meer naar aanleiding van het Egmontpact (dat het VVO niet kon onderschrijven) op het standpunt dat Brussel deel uitmaakt van Vlaanderen.

Op algemeen politiek vlak is het VVO ook betrokkken in het Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen (OVV).

Het VVO werd achtereenvolgens geleid door Fernand Bové (1957-1961) en Robert Vandezande (1961-1968). Sinds 1968 is Paul Stoppie algemeen voorzitter van het verbond.

Het VVO geeft het maandblad Het Nieuw Klimaat uit.

Auteur(s)

Henk Cuypers