Spaak, Paul-Henri

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Schaarbeek 25 januari 1899 – Brussel 31 juli 1972).

Vestigde zich na studies aan de Université Libre de Bruxelles als advocaat in de hoofdstad. Hoewel telg van een voorname liberale familie sloot Spaak zich aan bij de Belgische Werkliedenpartij, waar hij actief was in de linkervleugel en meewerkte aan het antimilitaristische tijdschrift L'Action Socialiste. In 1931 reisde hij naar de Sovjet- Unie. In 1932 werd hij socialistisch Kamerlid voor Brussel. Na zijn kennismaking met Hendrik de Man evolueerde hij naar gematigder standpunten. Hij steunde het Plan van de Arbeid en het 'nationale socialisme' van De Man en werd in 1935 een eerste maal minister (verkeer). Een jaar later werd hij minister van buitenlandse zaken. Hij zou dat departement, met onderbrekingen, dertig jaar leiden (1936-1949, 1954-1957, 1961-1966).

In 1938 was Spaak de eerste Belgische premier die in een regeringsverklaring gewag maakte van een communautaire kwestie, met name de Waalse ongerustheid ten opzichte van de Vlaamse meerderheid. In 1939 verdedigde hij de benoeming van oud-activist Adriaan Martens als lid van de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België. Hij vroeg de Kamer de gevolgen van de amnestie te aanvaarden. De contestatie rond de zaak-Martens leidde echter tot het ontslag van zijn regering.

In de Tweede Wereldoorlog verbleef Spaak, na de breuk met Leopold III te Londen waar hij een van de grondleggers van de Benelux werd. Na de oorlog ging hij een opvallende internationale rol spelen. Ook was hij nog tweemaal premier in 1946 en in 1947-1949. Overtuigd atlantist brak hij met zijn partij, toen die zich in 1966 verzette tegen de komst van de Navo-zetel naar België. Hij verliet toen ook het parlement.

Lange tijd hield Spaak de communautaire dossiers van zich af, maar hij liet wel zijn adjunct op buitenlandse zaken, Hendrik Fayat, beginnen met de aanzuivering van de taalverhoudingen in het diplomatieke korps (diplomatie). Na de breuk met de socialisten ging hij zich, onder invloed van zijn dochter Antoinette, nauw interesseren voor de positie van de Franstaligen in Brussel. Hij betuigde openlijk steun aan het Front démocratique des Francophones (FDF) en sprak zich uit voor een federale indeling van België. Alhoewel Nederlandsonkundig en exponent van het unitair denkend Belgische establisment droeg hij bij tot de bespreekbaarheid van het federalisme. In 1969 pleitte hij voor de oprichting van een bondsstaat, maar zijn plan kreeg aan Vlaamse kant geen bijval, omdat het voorzag in te grote macht voor een Brussels gewest. Hij lag aan de basis van het grote verkiezingssucces van het FDF in november 1971, maar overleed kort daarna, op 31 juli 1972, aan een nierziekte.

Werken

Combats Inachevés, 2 dln., 1969; 
La pensée européenne et atlantique de P.H. Spaak. Textes réunis et présentés par Paul-F. Smets, 2 dln., 1980.

Literatuur

J.H. Huizinga, Mr. Europe. A political biography of Paul-Henri Spaak, 1961; 
id., Paul-Henri Spaak, een politieke biografie, 1963; 
L. Outers, Paul-Henri Spaak, son dernier combat, 1972; 
H.-F. van Aal, Télé-Mémoires, 1972; 
J. Willequet, Paul-Henri Spaak. Un homme des combats. La Renaissance du Livre, 1975.

Verwijzingen

zie: diplomatie, Vaste Commissie voor Taaltoezicht.

Auteur(s)

Manu Ruys