Sermon, Hendrik

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Sint-Pieters-Leeuw 16 februari 1833 – Borgerhout 2 augustus 1904).

Werd geboren in een landbouwersgezin, liep school in Sint- Pieters-Leeuw en Halle en studeerde vervolgens aan de Rijksnormaalschool te Lier, met Jan van Beers als leraar Nederlands. In 1854 behaalde Sermon er het diploma van onderwijzer. Aanvankelijk woonachtig in Brussel vestigde hij zich in 1865 als boekhandelaar en uitgever in Antwerpen. Van bij de stichting in 1874 tot enkele dagen voor zijn dood was hij leraar Germaanse talen en geschiedenis aan de vrije middelbare school Sint-Norbertus. Hij had er Jan Boucherij en Eligius Ossenblok als collega's.

In Brussel was Sermon, vooral met zijn vriend Michiel van der Voort, bij allerhande flamingantische initiatieven betrokken. Samen met onder anderen Lucien Jottrand stelde hij statistieken op die de Waalse oververtegenwoordiging in de administratie moesten aantonen. In het kader van deze campagne sprak hij, onder het pseudoniem van H. van Walrave, harde taal in de in 1857 verschenen brochure De Vlaming en de Staat in het tegenwoordige België. Als dreigement suggereerde hij dat – als de gelijkberechtiging van het Nederlands achterbleef – België het voorbeeld van de vreedzaam gescheiden staten Noorwegen en Zweden kon volgen. Hij formuleerde in dit geschrift ook een eisenprogramma voor de V.B. dat de beweging verder het politieke pad moest opduwen.

Sermon legde steeds een ruime Vlaams-culturele activiteit aan de dag; hij was voordrachtgever, uitgever en ageerde voor het gebruik van een beschaafde omgangstaal. Hij had veel belangstelling voor de geschiedenis waarin hij argumenten en voorbeelden hoopte te vinden die de wederopbeuring van het Vlaamse volk zouden ondersteunen; vandaar zijn bijzondere aandacht voor bijvoorbeeld de Leuvense figuur Pieter Coutereel. Op het Nederlandsch Taal- en Letterkundig Congres te Brugge in 1862 brak hij een lans voor een nationale 'Nederlandse' geschiedschrijving. In datzelfde jaar was hij, met onder meer August Snieders, medestichter van het tijdschrift Noord en Zuid (1862-1869), waarvan hij feitelijk hoofdredacteur werd. Sedert 1891 was hij lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde; in het jaar van zijn overlijden werd hij bestuurder. Tevens was hij ondervoorzitter van de Koninklijke Zuidnederlandse Maatschappij voor Taal- en Letterkunde en Geschiedenis. Sermon beschouwde zich als een aanhanger van de Meetingpartij.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen men in de activistenmilieus naar een historische argumentatie zocht voor de scheidingsgedachte, werd Sermon voorgesteld als een voorloper, onder meer door Antoon Jacob (activisme).

Werken

Artikelen in onder meer Noord en Zuid (sinds 1862; zie voor de lijst van zijn bijdragen Jaarboek van de KVATL (1905)); Verslagen en Mededelingen der KVATL (vanaf 1888); 
'De Schooltael in België', in De Vlaamsche School (1858), p. 21-24; 
H. van Walrave (pseudoniem), De Vlaming en de Staat in het tegenwoordige België, 1857; 
H. Rede (pseudoniem), La question flamande devant la Chambre. La vérité sur les débats du 3 et 4 décembre 1861, 1862; 
P. Staroger (pseudoniem), 'Het lied van de Colonne du Congrès', in Dietsche Warande en Belfort (1903), p. 300-303.

Literatuur

J. Bouchery, Hendrik Sermon, 1833-1904. Een levensschets, 1904; 
A. Jacob, Het Vlaams konflikt en het federalistiese beginsel, 1920; 
H.J. Elias, Geschiedenis van de Vlaamse Gedachte, II, 1963; 
E. Gubin, Bruxelles au XIXe siècle: berceau d'un flamingantisme démocratique (1840-1873), 1979.

Auteur(s)

Jan Hardy; Luc Vandeweyer