Schamelhout, Gustaaf

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Brussel 25 maart 1869 – Antwerpen 21 januari 1944).

Studeerde op één jaar na, dat hij doorbracht aan het gemeentecollege te Tienen, aan het Brusselse Sint- Aloysiuscollege en aan de Université Libre de Bruxelles. Schamelhout promoveerde in 1894 voor de Centrale Examencommissie tot doctor in de geneeskunde. Na een specialisatieverblijf in Duitsland en Engeland vestigde hij zich te Antwerpen, hoofdzakelijk als ftisioloog.

Hoewel hij een overwegend Franse opvoeding had genoten en pas tijdens zijn humaniorajaren Nederlands leerde, werd hij onder invloed van Lode van Bogaert Vlaamsgezind en reeds als universiteitsstudent was hij zeer actief in de Vlaamse studentenbeweging: hij was lid van het vrijzinnige en Vlaamsgezinde studentengenootschap Geen Taal Geen Vrijheid, hij stichtte De Vlaamsche Wacht, een Dietsch Dispuutgezelschap, was lid van de Vlaamsche Volkspartij en bezocht trouw alle Vlaamse manifestaties. In het letterkundig genootschap De Distel ontmoette hij Alfred Hegenscheidt, Prosper van Langendonck (1862-1920) en August Vermeylen, de toekomstige stichters van Van Nu en Straks, waarvan hij het secretariaatswerk en het financieel beheer op zich nam. Het succes van de tweede reeks is grotendeels te danken aan zijn ijver en bezieling. Als promotor van het geestelijk leven in Vlaanderen leefde hij tevens intens mee in andere artiestenmilieus en clubs voor sociale en culturele hervormingen, zoals De Kapel te Antwerpen. In de leiding van de Volksuniversiteit Herman van den Reeck heeft hij van haar stichting af een belangrijke raadgevende en stuwende functie vervuld.

Op geneeskundig gebied verwierf hij aanzien door zijn bijdragen over de toen opkomende ftisiologie en de tuberculosebestrijding en zijn historische artikelen over grote figuren uit de geneeskunde, waaruit duidelijk zijn bewondering blijkt voor het 16de-eeuws humanisme. Veel heeft hij bovendien gedaan voor de ontplooiing van de wetenschapsbeoefening in Vlaanderen: hij was medeoprichter van de Vereniging voor Wetenschap, enthousiast werkend lid van het Vlaamsch Fonds voor Wetenschap en van de Vlaamse Wetenschappelijke Stichting; hij behoorde tot de eerste vijftien titelvoerende leden die op 7 november 1938 de stichtende kern van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Geneeskunde vormden en was de stichter van de eerste wetenschappelijke prijs van deze Academie.

Van 1908 af verminderden zijn geneeskundige publicaties en na 1918 wijdde hij zich haast uitsluitend aan antropologische en etnologische studies. Mede wegens de ondertekening van het manifest voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit (onderwijs) werd hij na de Eerste Wereldoorlog uit het antituberculeus dispensarium A. van den Nest, waarvan hij een der oprichters was, geweerd en werd hij door zijn collega's als onwaardige uit hun beroepsverenigingen gesloten. Anderzijds greep de strijd van de onderdrukte nationaliteiten voor hun bevrijding hem erg aan en nam hij de verdediging op zich van alle nationaliteiten binnen hun etnische grenzen. De V.B. beschouwde hij in verband met de nationalistische bevrijdingsstrijd van Ieren en Tsjechen, van Oostzee- en Balkanvolkeren. Zijn meest gezaghebbende publicaties handelen over de antropologie van het Vlaamse volk, de etnische samenstelling en de nationaliteitsbewegingen van alle Europese volkeren. Hij stelde zich daarbij ten doel de antropologische en etnische verschillen tussen Vlamingen en Walen te onderzoeken en de antropologische en etnische eenheid van de hele Nederlandstalige bevolking te bevestigen. Vooral weerlegde hij de thesis van de Brusselse antropoloog Emile Houzé als zouden de Vlamingen tot een inferieur ras behoren. Zijn studies steunden niet alleen op een grote belezenheid en op een zeer nauwkeurige documentatie, doch ook op eigen ervaringen tijdens zijn vele studiereizen in heel West-Europa. Dit werk was enig in zijn soort en genoot hoge waardering. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Schamelhout buiten de collaboratie. Als overtuigd nationalist, vrijzinnig humanist en pacifist stond hij in oppositie tegenover elke vorm van totalitarisme of vreemde overheersing. Hoewel Schamelhout zich steeds op de achtergrond hield, is zijn aanzien bij de Vlaamsgezinde generatie van zijn tijd groot geweest, wat duidelijk bleek uit de viering van zijn 70ste verjaardag, georganiseerd door een comité onder leiding van Arnold Hendrix en Lode Baekelmans.

Werken

samen met F. Sano, 'Vlaamsche geneeskundige literatuur vóór de XIXe eeuw', in Van Nu en Straks (1898), p. 156-186; 
De volkeren van Europa en de strijd der nationaliteiten, 3 dln., 1925-1929-1930; 
'De natuurwetenschappen en de geneeskunde in Vlaanderen', in Vlaanderen door de eeuwen heen, 1932; 
Herkomst en ethnische samenstelling van het Vlaamsche volk, 19382; 
Ethnische vraagstukken en Verzamelde Toespraken, 1939; 
Anthropologie van het Nederlandsche Volk, 1944.

Literatuur

Jaarboek KVAGB (1944), p. 21-26 (met bibliografie); 
J. Lebeer, 'In memoriam Dr. Schamelhout', in Jaarboek KVAGB (1947), p. 72-87; 
J. Brans, 'Gustaaf Schamelhout', in Twintig eeuwen Vlaanderen, XIV, 1976, p. 51-54; 
F. Goovaerts, 'Dr. G. Schamelhout, antropologie en Vlaamse Beweging', in Teksten, Kommentaren en Studies, jg. 6, nr. 42 (september 1985), p. 46-55.

Auteur(s)

Raymond Vervliet