Oszwald, Robert P.

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Leipzig 11 januari 1883 – Berlijn 1945).

Kreeg wellicht belangstelling voor de Nederlanden door zijn huwelijk in 1910 met een Nederlandse uit Zuidlaren wier achternaam Driessen ter Meulen hij nu en dan als pseudoniem gebruikte. Als assistent aan het historisch instituut van de universiteit te Leipzig hield Oszwald zich vanaf 1912 bezig met de geschiedenis van de V.B. In november 1913 hield hij daarover in Leipzig een voordracht die in mei 1914 als opstel verscheen in de Preussische Jahrbücher. Oszwald kwam toen al in contact met Vlaamse leden van het Algemeen-Nederlands Verbond, onder wie de latere activist Hippoliet Meert, die hem op zijn verzoek ten behoeve van zijn studie documentatie over de V.B. bezorgden.

Na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog stuurde Oszwald op 26 augustus 1914 zijn drie maanden eerder verschenen opstel naar de pas benoemde gouverneur-generaal in België Colmar von der Goltz. Het was zijn bedoeling de Duitse autoriteiten in België op het hart te drukken dat ze rekening moesten houden met de Nederlandse taal. In juni 1915 kwam hij op eigen verzoek in dienst bij het bezettingsbestuur. Hij was tot 1916 medewerker van de perscensuur, eerst in Antwerpen, dan in Gent, waar hij drie om hun Jong-Vlaamse sympathieën (Jong-Vlaanderen) uit de censuurafdeling verwijderde Duitse ambtenaren moest vervangen. Vanaf 1917 was Oszwald werkzaam als referent op de Politische Abteilung in Brussel. Hij was daar aanvankelijk tot augustus 1917 bevoegd voor de activistische propaganda in de krijgsgevangenenkampen. Eind 1917 omvatte zijn bevoegdheid het Propagandistisch Centraal Archief, de betrekkingen tussen de Politische Abteilung en de Raad van Vlaanderen, en paspoortaangelegenheden. Met zijn publicaties behoorde Oszwald tot de auteurs die het Duitse Vlaanderen-beeld tijdens de oorlog bepaalden. Hij volgde de politieke lijn van de regering in Berlijn: tegen rechtstreekse aanhechting en verduitsing van België, voor een autonoom Vlaanderen in een formeel zelfstandige Belgische satellietstaat.

In 1919 schreef Oszwald in opdracht van het ministerie van binnenlandse zaken de geschiedenis van het Duitse bezettingsbestuur in België. Vanaf 1920 was hij ambtenaar op het rijksarchief in Potsdam. Hij bleef de ontwikkeling in Vlaanderen volgen en publiceerde in de eerste naoorlogse jaren nu en dan een stuk over de actuele toestand. Sedert de tweede helft van de jaren 1920 was Oszwald de spilfiguur in de contacten tussen Duitse en Vlaamse nationalisten en informeel adviseur van de regering in aangelegenheden van activistische ballingen. Na 1933 evolueerde hij in nationaal-socialistische zin. In 1935 bepleitte hij de financiële steun van dit regime aan het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV). Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte hij bij de rijkscommissaris voor de bezette Nederlandse gebieden. Hij steunde toen de in Nederland wonende oud-activist Piet van Rossem (sr.) bij de oprichting van de Nationaal-Socialistische Beweging in Vlaanderen.

Werken

'Der Nationalitätenkampf der Flamen und Wallonen', in Preussische Jahrbücher, bd. 156, nr. 2 (1914), p. 214-245; 
Zur belgischen Frage, 1915; 
Belgien, 1915; 
B. Driessen ter Meulen (pseudoniem), 'Die flämische Bewegung während des Krieges', in Der Belfried, jg. 3, nr. 1 (1918), p. 1-11; nr. 2, p. 64-73; nr. 3, p. 153-159; 
'Die deutsche Flamenpolitik und das Gutachten von Professor Bredt für den parlamentarischen Untersuchungsausschuss', in Historische Zeitschrift (1927), p. 518-525; 
Flandern und Grossniederland, 1928; 
Deutsch-niederländische Symphonie, 1937; 
Die Volkstumslage im Rhein-Maas-Schelde-Delta, 1940; 
In het Bundesarchiv Abteilungen Potsdam bevindt zich getypt: Geschichte der Zivilverwaltung im besetzten Belgien 1914- 1918, 1919.

Literatuur

H.J. Elias, 25 jaar Vlaamse Beweging 1914-1939, I, 1969; 
A.W. Willemsen, Het Vlaams nationalisme. De geschiedenis van de jaren 1914-1940, 19692; 
W. Dolderer, 'De nieuwe Duits-Vlaamse toenadering na de Eerste Wereldoorlog', in WT, jg. 46, nr. 4 (1987), p. 211-223; jg. 47, nrs. 2-3 (1988), p. 109-128 en p. 129-139; 
id., Deutscher Imperialismus und belgischer Nationalitätenkonflikt (Kasseler Forschungen zur Zeitgeschichte, nr. 7, 1989); 
D. Vanacker, Het aktivistisch avontuur, 1991.

Auteur(s)

Winfried Dolderer