Mommaerts, Hendrik D.

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

,

pseudoniem: Wilfried (Leuven 17 oktober 1886 – Den Haag 4 januari 1980).

Was de zoon van een aannemer. Mommaerts groeide op in een vrijzinnig gezin, volgde te Leuven lager onderwijs in een gemeenteschool maar middelbaar onderwijs aan het (Franstalige) Sint-Pieterscollege. In 1903 begon hij aan de Katholieke Universiteit Leuven zijn studies van scheikundig ingenieur. Na de beëindiging ervan werd hij in het najaar 1907 in een rijkslaboratorium te Gent tewerkgesteld, maar nam eind 1909 ontslag en vestigde zich na zijn huwelijk in 1910 te Broechem (provincie Antwerpen), waar hij eigenaar was geworden van een kleine zuivelfabriek. Vanwege zijn activistische activiteiten week hij in november 1918 uit naar Nederland en ving in Den Haag vanaf 1920 zijn nieuwe loopbaan aan als octrooi (patent)-ingenieur. Hij ging als zodanig in mei 1923 naar Amsterdam over, maar kwam 7 jaar later opnieuw naar Den Haag, op het hoofdkantoor van de Bataafsche Petroleum Maatschappij. Na zijn pensionering in 1946 bleef hij nog ruim twintig jaar in zijn vak doorwerken en wijdde zich nadien aan de studie van de V.B. (onder meer door Leuvense studenten in hun studies over het activisme te begeleiden).

Reeds in zijn schooltijd kreeg Mommaerts een levendige belangstelling voor de V.B. en hing een sterk Groot-Nederlandse en anti-Belgische Vlaamsgezindheid aan. Aan de Leuvense universiteit kwam hij in contact met de leiders van het in augustus 1903 opgerichte Algemeen Katholiek Vlaamsch Studentenverbond en werd lid van Met Tijd en Vlijt en van het Algemeen-Nederlands Verbond. Na zijn studies werd hij in Gent medestichter van de Katholieke Vlaamse Hogeschooluitbreiding. In 1911 werd hij secretaris van het Katholiek Vlaamsch Oud-Hoogstudentenverbond van de provincie Antwerpen en in januari 1914, na het vertrek van Ernest Claes, secretaris van het Katholiek Vlaamsch Secretariaat. Zo werd hij betrokken bij de stichting van het dagblad De Standaard; de keuze voor de naam van dat blad gaat terug op een voorstel van Mommaerts, die daarbij verwezen had naar het gelijknamige Nederlandse blad van Abraham Kuyper. Nog in 1914 stichtte hij een Davidsfondsafdeling te Broechem.

Spoedig na de bezetting van Antwerpen door de Duitsers in oktober 1914 sloot Mommaerts zich aan bij een besloten gespreksgroep met Arnold Hendrix, Adelfons Henderickx en Hugo van den Broeck. Deze gespreksgroep begon op 3 september 1916 met de uitgave van het activistische weekblad De Eendracht, waarvan Mommaerts in oktober 1917 de leiding nam; zijn hoofdartikelen werden ondertekend met het pseudoniem van Wilfried. Binnen datzelfde kader schreef hij de brochure Aan het Vlaamsche Volk, die in 1917 in opdracht van het Centraal Vlaamsch Propagandabureau in twee uitgaven werd gedrukt en op grote schaal werd verspreid. Begin juni 1917 lid geworden van de Raad van Vlaanderen, behoorde Mommaerts er tot de gematigde unionisten. In augustus 1918 nam hij, in een algemeen gevoel van onbehagen, samen met Arthur Claus, Max Oboussier, Antoon Picard en Walter Tamm ontslag uit de Raad. Toch werd hem eind september, bij de aanstelling van de Commissie van Zaakgelastigden, de portefeuille van landbouw toegewezen. Nog een maand later stelde de Raad van Vlaanderen een Vlaamsch Comité aan, waarvan Mommaerts en de andere Zaakgelastigden lid werden. Dit Comité vestigde zich na de wapenstilstand van 11 november 1918 in Den Haag; zijn Vlaamsch Persbureau stond onder leiding van Mommaerts. In die hoedanigheid kreeg Mommaerts in 1919 3500 Duitse rijksmarken ten gunste van activisten.

Op 17 april 1920 werd Mommaerts door het assisenhof van Brabant bij verstek ter dood veroordeeld. Na het staken van de activiteiten van het Vlaamsch Comité bleef Mommaerts met voorzitter Josué de Decker samenwerken aan het weekblad Vlaanderen. Hij werkte ook mee aan de Dietsche Gedachte en aan De Dietsche Voorpost; in laatstgenoemd blad verscheen in oktober 1934 Mommaerts' ondertekende Groot-Nederlandse beginselverklaring.

In 1938 Nederlands staatsburger geworden, onthield Mommaerts zich tijdens de Tweede Wereldoorlog van collaboratie en bleef ook verder buiten de V.B., maar wijdde er wel, zoals gezegd, op hoge leeftijd enkele artikels aan.

Werken

'Herinneringen aan de afwikkeling van het Vlaams aktivisme', in WT, jg. 27, nr. 5 (1968), p. 315-324; 
'Meer licht op het Vlaams-nationalistisch weekblad "Vlaanderen"', in WT, jg. 36, nr. 2 (1977), p. 115-118; 
'Het Belgisch expansionisme bij de herziening van de verdragen van 1839 en de vredesbesprekingen te Parijs in 1919. Naschrift', in WT, jg. 36, nr. 4 (1977), p. 193-204 en jg. 37, nr. 2 (1978), p. 101-102.

Literatuur

A.L. Faingnaert, Verraad of zelfverdediging?, 1933; 
L. Buning, 'Beschouwingen bij het levensbeeld van de negentigjarige ir. H.D. Mommaerts', in WT, jg. 36, nr. 1 (1977), p. 3-24; 
G. Durnez, De Standaard. Het levensverhaal van een Vlaamse krant, I, 1985; 
D. Vanacker, Het aktivistisch avontuur, 1991.

Auteur(s)

Reginald de Schryver