Mertens, Frans H.

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Antwerpen 6 augustus 1796 – Antwerpen 19 juni 1867). Schoonvader van Jan van Beers.

Kwam uit een burgergezin. Mertens voelde zich eerst aangetrokken tot de schilderkunst en volgde de lessen aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in zijn geboortestad, onder leiding van Willem Herreyns. Door zijn vriend Jan F. Willems aangespoord zich toe te leggen op de letteren en zich te bekwamen in talenkennis, wijsbegeerte en zelfs wiskunde, ontwikkelde Mertens zich autodidactisch tot een hoge graad van geleerdheid. Politiek gezien was hij aanvankelijk, weer onder invloed van Willems, orangistisch gezind. Na 1830 conformeerde hij zich aan de Belgische staat. Bij de oprichting van de Société des sciences, lettres et arts d'Anvers (1834), een culturele Franstalige vereniging, werd hij bibliothecaris-archivaris.

In 1834 werd Mertens benoemd tot stadsbibliothecaris van Antwerpen. Hier verrichtte hij baanbrekend werk, onder meer door de invoering van een nieuwe ordening van de boeken en door het uitgeven van catalogi (4 dln., 1843-1860). Als onderwijsman maakte hij zich verdienstelijk als leraar in de economische wetenschappen aan het Koninklijk Atheneum te Antwerpen (1834-1854). Zijn lessen vatte hij zo voorbeeldig op, dat ze als het ware een model werden bij de definitieve invoering van de handelsvakken in het middelbaar onderwijs voor het hele land. Bovendien speelde Mertens een belangrijke rol als secretaris van de commissie van toezicht op het stedelijk onderwijs te Antwerpen. Als historicus schreef hij niet alleen, in samenwerking met L. Torfs, een achtdelige Geschiedenis van Antwerpen (1845-1853), maar maakte hij zich minstens even verdienstelijk als uitgever van historisch bronnenmateriaal.

Als Vlaming wilde Mertens, onder meer door de uitgave van oude Nederlandse literaire en historische teksten en door het schrijven van geschiedenis zijn volk onderrichten over zijn groot verleden en het zo wakker schudden uit de apathie van de 19de eeuw. Hij was echter ook buiten deze geleerde bezigheden zeer actief in de V.B. Hij spoorde jonge schrijvers als Hendrik Conscience, Theodoor van Ryswyck en Jacob F. Heremans aan hun eerste werken te publiceren. In 1836 werd hij lid van de pas heropgerichte rederijkerskamer De Olijftak, waar hij het na korte tijd tot "boekbewaerder" en later tot voorzitter bracht. In 1855 was Mertens verslaggever voor de door het Willemsfonds uitgeschreven prijsvraag over de ware betekenis en strekking van de V.B. Zijn meest bekende activiteit op dit terrein is echter wel zijn lidmaatschap van en optreden in de Grievencommissie (1856-1857). Bij het 5de Nederlandsch Taal- en Letterkundig Congres (Antwerpen, 1856) stond hij aan het hoofd van de inrichtingscommissie. Mertens sloot aan bij de Nederduitsche Bond en enkele jaren later bij de Liberale Vlaamsche Bond. Tijdens zijn laatste levensjaren werkte hij mee aan de oprichting en de uitbouw van de Volksbibliotheek. Mertens, die in talloze Vlaamse verenigingen een vooraanstaande rol speelde, was een minzame en zeer geliefde figuur, zodat men hem dikwijls gemeenzaam als Vader Mertens betitelde.

Literatuur

P. Génard, Biographie de Monsieur François Henri Mertens, bibliothécaire de la ville d'Anvers, membre de la Commission provinciale des inscriptions funéraires et monumentales, 1887; 
P. Bergmans, '(François-Henri) Mertens', in BN, XIV, 1897; 
J.G. Frederiks en F.J. van den Branden, Biografisch Woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche Letterkunde, 18912; 
Redevoeringen uitgesproken bij de plechtige begrafenis van de Heer Frans-Hendrik Mertens, in leven bibliothecaris der stad Antwerpen, aldaar overleden op 19 juni 1867, 1867; 
F. Prims, 'De Geschiedenis van Antwerpen door Mertens en Torfs', in Antwerpiensia, jg. 20 (1950), p. 187-194; 
H. van Daele, 150 jaar stedelijk onderwijs te Antwerpen 1819-1969, 1969; 
id., Geschiedenis van het stedelijk lager onderwijs te Antwerpen van 1830 tot 1872, 1972; 
L. Simons, 'Een bibliothecaris in last. F.H. Mertens en de Cluyte van Playerwater', in Miscellanea Neerlandica. Opstellen voor Dr. Jan Deschamps, ter gelegenheid van zijn zeventigste verjaardag, II, 1987, p. 309-323.

Verwijzingen

zie: Vlaemsche Commissie.

Auteur(s)

Jan van Roey; Marc Somers