Dumoulin, Leo

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Roeselare 14 juni 1890 – Gistel 15 januari 1942).

Werd na zijn priesterwijding op 11 augustus 1915 in 1919 leraar aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge, in 1922 ziekenhuisdirecteur te Houtem bij Veurne en van 1930 tot 1940 was hij kapelaan te Lichtervelde.

Tijdens zijn middelbare studies aan het Klein Seminarie van Roeselare werd Dumoulin Vlaamsgezind onder invloed van zijn leraars Oscar Verhaeghe en Leo Deleu. In maart 1915 werd hij als brancardier gemobiliseerd en twee jaar later volgde zijn benoeming tot aalmoezenier. Zijn ervaringen en contacten met leden van de Frontbeweging hadden een aanzienlijke invloed op zijn evolutie naar een radicaal Vlaams-nationalisme. In de oorlogsjaren voerde Dumoulin een briefwisseling met Maria Belpaire, door wier bemiddeling hij vanaf 1916 regelmatig gedichten in De Belgische Standaard kon publiceren.

In het begin van de jaren 1920 kwam hij in contact met Robrecht de Smet. Dumoulins medewerking aan Vlaanderen resulteerde in een reeks bijdragen, verschenen tussen januari en oktober 1923, waarin hij een lans brak voor anti-belgicisme. Naderhand herwerkte hij zijn reeks tot een brochure: Waarom nationalist zijn? (onder pseudoniem van M. Dalen). Hij had een aanzienlijke invloed op het Algemeen Katholiek Vlaamsch Studentenverbond (AKVS). Op de landdag van 27-29 augustus 1923 te Gent hield hij een opmerkelijke rede, die bijdroeg tot de evolutie van de studentenbeweging naar een integraal-katholiek Vlaams-nationalisme. Samen met en later als opvolger van Karel van der Espt bracht Leo Dumoulin het West-Vlaamse AKVS-tijdschrift De Vlaamsche Vlagge vanaf 1923-1924 op een hoger peil. Als hoofdredacteur leidde hij het blad door de felle tribulaties tussen enerzijds het AKVS en anderzijds de Katholieke Studentenactie (KSA) en de bisschoppelijke overheid. Dumoulin legde hierbij een grote vindingrijkheid aan de dag.

Als apologie van het Vlaams-nationalisme verscheen in 1924 zijn Handboek der Vlaamsch-Nationale geschiedenis (onder de schuilnaam van L. Deman). Het boek richtte zich vooral tot de collegeleerlingen, maar kreeg als kritiek dat het te eenzijdig van aard en te haastig geschreven was. Dumoulin behoorde tot de redactie van het Vlagge-boek (1926). De publicatie van dit jubileumboek is in niet geringe mate aan hem te danken.

Samen met Victor Leemans, Odiel Spruytte en Maurits Geerardyn behoorde Dumoulin tot de kernredactie van het weekblad Jong Dietschland. Hij schreef er een groot aantal bijdragen en recensies in, hoofdzakelijk commentaren op de buitenlandse politiek van België en op de internationale politiek. Hieruit blijkt duidelijk zijn Groot-Nederlandse gezindheid. Na het stopzetten van de publicatie van het blad in 1934 engageerde een reeds zieke Dumoulin zich niet meer in de V.B.

Werken

Artikelen in De Vlaamsche Vlagge; Vlaanderen (1922-1933); Jong Dietschland (1927-1933); 
Waarom nationalist zijn?, 1924; 
Handboek der Vlaamsch-Nationale geschiedenis, 1924; 
Beknopte geschiedenis van Zuid-Afrika, 1929.

Literatuur

H.J. Elias, 25 jaar Vlaamse Beweging 1914-1939, II-III, 1971-1972; 
L. en L. Vos-Gevers, Dat volk moet herleven. Het studententijdschrift De Vlaamsche Vlagge 1875-1933, 1976; 
A.T. van Biervliet, 'Leo Dumoulin als dramaturg', in Rollariensia, jg. 10 (1978), p. 123-156; 
L. Vos, Bloei en ondergang van het AKVS, 2 dln., 1982; 
P.J. Verstraete, 'Het weekblad 'Jong-Dietschland' (1927-1933) en de Vlaamse Beweging', in Verschaeviana (1982), p. 121-162; 
id., 'Dumoulin, Leo', in NBW, XIV, 1992.

Verwijzingen

zie: Jong Dietschland (1927-1933; vierde links).

Auteur(s)

Pieter Jan Verstraete