Bond tot bevordering van de Vlaamsche Hoogeschool te Gent

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

beknopter ook wel Hoogeschoolbond genaamd, werd op 12 juni 1916 opgericht.

Leo Augusteyns en Adelfons Henderickx fungeerden als voorzitters, Hippoliet Meert en Marten Rudelsheim als secretarissen. Nadat de Duitse bezetters de beslissing tot de vernederlandsing van de Gentse hogeschool hadden genomen, begonnen Hendrik Grosemans en Josué de Decker in De Vlaamsche Gazet van Brussel onder hun pseudoniem van Demos met de propaganda. Ook het Nationaal Vlaamsch Studentenverbond, opgericht te Utrecht, maar bedoeld om studenten die te Gent gingen studeren bijeen te brengen, begon vanuit de afdelingen te Antwerpen, Brussel en Gent met propaganda. Op 12 juni vergaderden te Brussel de Katholieke Vlaamsche Oud-Hoogstudentenbond over de vernederlandsing en aanvaardde het Duitse voorstel. Op verzoek van het Algemeen-Nederlands Verbond vergaderden tezelfdertijd de niet-katholieken over het Duitse voorstel. Samen vormden deze twee initiatiefnemende groepen de Hoogeschoolbond en kwamen zij met twee manifesten ter ondertekening uit. In eerste instantie tekenden ruim honderd academische Vlamingen het neutrale manifest en 66 het katholieke manifest. Begin september 1916 verscheen het resultaat van de handtekeningenactie tezamen met een gemeenschappelijke verklaring van de Hoogeschoolbond in de pers (verplichte opname!) en sprak men van "een lang geëischte, al te lang verdaagde, dus welkome rechtsherstelling". Op 17 september 1916 vond een eerste grote propagandameeting te Antwerpen plaats en op 8 oktober 1916 een tweede te Brussel. Van daaruit ging het petitionnement het land in en uiteindelijk hebben 3000 Vlamingen het verzoek om de vernederlandsing van Gent ondertekend. De Bond heeft daarna nog voorlichtende brochures over de Gentse universiteit verspreid, zoals Lodewijk Dosfels, De vervlaamsching der Gentsche Hoogeschool beschouwd met het oog op de plichten der Vlamingen jegens vorst en land en Demos De strijd om de Vlaamsche Hoogeschool. Het huidige standpunt. De organisatie heeft niet alleen propaganda gevoerd, maar zich ook daadwerkelijk ingezet voor de studenten in Gent, door aandacht te geven aan de huisvesting en voedselvoorziening en de oprichting van een studiefonds, het Lodewijk de Raet-Fonds geheten.

Aan het eind van de oorlog staakte hij, met het activisme, zijn werkzaamheden.

Literatuur

H.J. Elias, 25 jaar Vlaamse Beweging 1914-1939, I, 1969; 
D. Vanacker, Het aktivistisch avontuur, 1991.

Auteur(s)

Pieter van Hees