Balthazar, August

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Gent 10 oktober 1893 – Mariakerke 23 juli 1952).

Was afkomstig uit een arbeidersgezin. Balthazar engageerde zich in 1909 in de Gentse socialistische beweging. Aanvankelijk behoorde hij tot de uitgesproken marxistische linkerzijde, die voor de V.B. duidelijk meer sympathie had dan de oude garde van de Gentse socialistische beweging rond Edward Anseele. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam hij als krijgsgevangene in het kamp van Göttingen terecht, waar hij zich engageerde in het opzetten van socio-culturele activiteiten en geconfronteerd werd met de activistische propaganda. Hoewel hij begrip had voor de standpunten van de activisten, verzette hij zich bijvoorbeeld toch tegen de afscheuring van Jef van Extergem en zijn kompanen uit de Antwerpse Socialistische Jonge Wacht. Hij zag de V.B. als "een stuk klassenstrijd" en was voorstander van "een kulturele zelfstandigheid en tegen politieke scheiding".

Na de oorlog zou Balthazar in Gent een blitzcarrière maken: in 1921 socialistisch gemeente- en provincieraadslid, in 1923 schepen van Gent, in 1925 volksvertegenwoordiger. Daarnaast bekleedde hij sleutelposten als directeur van het dagblad Vooruit en als beheerder van de Bank van de Arbeid. Balthazar werd aldus de 'dauphin' van Anseele. In de Kamer en het dagblad Vooruit profileerde hij zich – anders dan Anseele – als een Vlaamsgezind socialist. Zo interpelleerde hij in de Kamer, samen met Anseele, Camille Huysmans en Frans Gelders (sr.) over de zaak van de dienstweigeraar Joris de Leeuw. Hij verweet La droite flamande haar lakse houding in deze zaak en was van mening dat het niet enkel om een Vlaams-Waalse aangelegenheid ging, maar om une cause de pure justice. De interpellanten verwezen naar een aantal zaken waarin Franstalige dienstweigeraars wel vrijgesproken waren door de krijgsraad. Ook steunde Balthazar in 1932 de Frontpartij in haar kritiek op het wetsontwerp op het taalgebruik in bestuurszaken. Hij nam deel aan een grote amnestiebetoging te Brussel (1937), was ondervoorzitter op het eerste Vlaamsch Socialistisch Congres (1937) en een prominent spreker op de socialistische Guldensporenviering in 1939. Terzelfder tijd leverde hij harde kritiek op het Vlaamsch Nationaal Verbond, vooral toen dit een akkoord met Rex sloot, volgens Balthazar een verbond van "franskiljonse en sociale reactie". Vanaf 1938 was hij minister (eerst openbare werken, later sociale voorzorg). Hij vluchtte tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Londen. Bij zijn terugkeer in 1944 kon hij zich niet aanpassen aan de gewijzigde machtsverhoudingen in de Gentse socialistische beweging. Hij verliet dan ook de actieve politiek. (socialistische partij)

Werken

Artikelen in Vooruit.

Literatuur

G. Vanschoenbeek, De wortels van de sociaal-democratie in Vlaanderen, RUG, onuitgegeven doctoraatsverhandeling, 1992; 
B. de Wever, Greep naar de macht. Vlaams-nationalisme en Nieuwe Orde. Het VNV 1933-1945, 1994; 
G. Vanschoenbeek, 'Balthazar August', in Dictionnaire biographique des militants du mouvement ouvrier en Belgique, 1995, p. 61.

Auteur(s)

Guy Vanschoenbeek