Baert, Frans

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

(Grembergen 25 november 1925).

Stamde uit een zeer Vlaamsgezinde familie. Baert liep college in Dendermonde en studeerde daarna aan de Katholieke Universiteit Leuven. Daar behaalde hij de diploma's van doctor in de rechten, licentiaat in het notariaat, licentiaat in de politieke en diplomatieke wetenschappen en baccalaureus in de thomistische wijsbegeerte. In het academiejaar 1948-1949 was hij preses van het overkoepelende Leuvens Studentencorps en medeheroprichter van de volkskunstgroep De Kegelaar. Samen met Jozef Goossenaerts organiseerde hij in 1950 de eerste naoorlogse herdenking van Lodewijk Dosfel.

Intussen had Baert zich in 1949 als advocaat in Gent gevestigd. Hij bouwde er zijn praktijk uit en was van 1956 tot 1968 plaatsvervangend rechter. In 1965 werd hij voorzitter van de Vlaamse Conferentie der Balie aan het hof van beroep in Gent. Meermaals was hij gedurende een aantal jaren lid van de Raad van de Orde van Advocaten in Gent. Van 1979 tot 1981 was hij Stafhouder van de Orde van Advocaten. In 1966 trad hij toe tot de Vlaamse Juristenvereniging. Hij gaf tussen 1959 en 1978 tevens les aan twee hogescholen. In die functies toonde hij zich bezorgd voor een degelijke Nederlandse juridische taal.

Al die tijd bleef Baert actief in de V.B., onder meer als bestuurslid van de Vlaamse Volksbeweging in Gent. Hij organiseerde mede de reacties tegen het mandement van de bisschoppen omtrent de kwestie-Leuven in 1966 ('Leuven Vlaams').

In 1968 werd hij als senator gecoöpteerd voor de Volksunie (VU). Hij zetelde in de commissie-justitie en nam tevens deel aan de werkzaamheden van de Werkgroep der 28 voor het opstellen van een nieuwe grondwet. Hij bepleitte hierin consequent de federalistische visie van de VU (federalisme).

Bij de parlementsverkiezingen van 1971 werd hij tot volksvertegenwoordiger gekozen. In de Kamer zetelde hij onder meer in de commissie-buitenlandse zaken, maar hij zette vooral zijn werkzaamheden in verband met de staatshervorming voort. Hij nam in 1974 deel aan de gesprekken over de voorlopige gewestvorming. In de Egmontperiode was hij rapporteur. Hij bleef een overtuigd verdediger van het Egmontpact. Ook aan de grondwetsherziening van 1980 werkte hij mee. Van 1977 tot 1979, en opnieuw van 1981 tot 1985, was hij voorzitter van de VU-fractie in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Hij bekleedde tevens gedurende lange tijd de functie van voorzitter van de commissie-handels- en economisch recht. Van 1971 tot 1984 zetelde hij in de gemeenteraad in Gent en van 1968 tot 1985 was hij tevens lid van het partijbestuur van de VU. Ook in het Vormingscentrum Lodewijk Dosfel nam hij een bestuursfunctie op. Bij de verkiezingen van 1987 werd hij niet herkozen, maar hij bleef als senator gecoöpteerd en dit tot 1991. Als ondervoorzitter van de Commissie voor de Herziening van de Grondwet en de Hervorming der Instellingen wijdde hij zich opnieuw aan de staatshervorming.

Frans Baert werd gewaardeerd om zijn grote dossierkennis en de rustige overtuigingskracht die zijn betogen karakteriseerde. Zijn parlementaire loopbaan was grotendeels gewijd aan de staatshervorming en aan wetgevend werk op juridisch gebied.

Werken

'Honderd jaar grondwet', in De Vlaamse Conferentie der Balie van Gent. 1873-1973. Gedenkboek, 1973, p. 381-409; 
'Over gewestvorming in België en Frankrijk', in Ons Erfdeel (1976), p. 365-378; 
'Bedenkingen over staatshervorming en persoonsgebonden aangelegenheden', in Rechtskundig Weekblad (1978-1979), kol. 481-490; 
'Een echt en verregaand federalisme', in Gazet van Antwerpen (15 juni 1988).

Literatuur

'Frans Baert: de Vlaamse loopbaan', in Knack (6 oktober 1976); 
'Frans Baert: kiezen voor de Vlaamse natie', in 't Pallieterke (7 oktober 1976); 
D. Vanacker, 'Met hart en ziel in de politiek. Frans Baert bijna twintig jaar in het parlement', in De Gentenaar (12 november 1987); 
'VU-Senator Baert: kritiek Renard grotendeels onterecht. Ontwerp over de faciliteitengemeenten', in Het Nieuwsblad (7 juli 1988).

Auteur(s)

Frank Seberechts