Arm Vlaanderen

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

titel van verscheidene publicaties die een rol hebben gespeeld in de sociale en geestelijke bewustwording van de Vlamingen en die spreekwoordelijk is geworden.

Het eerste werk dat 'Arm Vlaanderen' tot een begrip heeft gemaakt, is een tweedelige roman onder die titel, geschreven door twee leraren: Reimond Stijns en zijn zwager Isidoor Teirlinck. De roman verscheen in 1884 bij De Seyn-Verhougstraete in Roeselare en beleefde meer dan één druk. In 1891 werd hij voor het liberale Willemsfonds heruitgegeven door de Boekhandel Julius Vuylsteke in Gent. Literair gezien is het een product van de overgang van de romantiek naar het naturalisme. Het boek werd geïnspireerd door de schoolstrijd die van 1879 tot 1884 tussen katholieken en liberalen woedde.

Het eerste deel verhaalt hoe de begaafde zoon van een arme dorpssmid tot onderwijzer wordt opgeleid in een door geestelijken bestuurde kweekschool, waar obscurantisme hoogtij viert. Niet pedagogische en verstandelijke ontwikkeling tellen er mee, maar de slaafse onderwerping aan een bekrompen en tiranniek gezag. In het tweede deel van de roman volgt de hoofdfiguur de oude dorpsonderwijzer op. Hij tracht zijn streekgenoten geestelijk op te beuren en ze de weg te wijzen naar een wat beter materieel bestaan. Eerst is hij populair, maar spoedig ondervindt hij zowel de tegenkanting van de Franstalige baron, in wiens greep de streek zich bevindt, als die van een jonge onderpastoor, die de verdraagzame oude pastoor verdringt en die de meestal onwetende en soms baatzuchtige parochianen tot fanatisme drijft. De onderwijzer tracht te weerstaan, maar er wordt een tegen-school opgericht en de overmacht is zo groot, dat hij het uiteindelijk moet opgeven. Eenzaam en alleen verlaat hij de streek. Door dit alles heen is het verhaal van een moordaanslag geweven, waarvan de dader nooit werd ontdekt, dader die een der 'weldoeners' van de Kerk en haar school wordt. Er is ook een liefdesidylle, die ongelukkig verloopt, doordat het meisje zich niet met een 'school zonder God' kan of mag verbinden. De roman, die verscheen in het jaar dat de katholieken de schoolstrijd wonnen, eindigt als de onderwijzer, bij zijn vertrek, nog eens omkijkt en de streek en haar toekomst onder de groeiende klerikale macht overschouwt: "Arm Vlaanderen! hoe diep zinkt ge! (...) Vrij en machtig waart ge vroeger, koningen deedt ge beven; nu ligt ge zwak en uitgeput, als een ander lerland, en de hand van de eeuwige vijand dwingt u, gedwee, het eens zo fiere hoofd te buigen. Dweepzucht voert de scepter; ontvolking en ellende zijn uw aandeel, arm, arm Vlaanderen! (...)"

De thesis van de breedvoerige, vaak in schrille kleuren geschreven roman is dus, dat de nood van Vlaanderen in de eerste plaats het gevolg is van het verstikken van de geestelijke vrijheid, waarvoor de verantwoordelijkheid ligt bij de katholieke clerus en het klerikalisme, die in hun machtsmonopolie samenspannen met de Franstalige adel en met de burgerij.

Een tweede werk dat moet worden vermeld, is een reportage van de journalist August de Winne, A travers les Flandres, in 1902 in het socialistische partijdagblad Le Peuple in Brussel gepubliceerd en in 1903 in Gent in vertaling uitgegeven onder de titel Door arm Vlaanderen. De Winne hing een beeld op van de toestanden, veroorzaakt door de thuisarbeid in het Oost-Vlaamse Scheldeland. Zijn reportage maakte ophef en had tot gevolg dat Camille Huysmans en pater Georges Rutten samen de ellende van de thuisarbeiders gingen aanklagen. De artikelenreeks is een belangrijk sociaal document geworden en gebleven, een aangrijpende weergave van de ellende waarin de 'kleine' mensen van toen (en nog lang nadien) leefden.

In de sociale beweging werd de term 'Arm Vlaanderen' dan ook vooral gebruikt in de zin van deze reportage. Hij doelde dus op het land van het pauperisme van de 19de eeuw tot omstreeks de Eerste Wereldoorlog, de tijd van de honger, de grauwe arbeidersbuurten bij de fabrieken, de lotelingen, de strijd om het algemeen stemrecht.

Het bij de flaminganten meest bekende geschrift over 'Arm Vlaanderen' is de aldus genoemde brochure van de jezuïet Desiderius A. Stracke, ontstaan uit voordrachten.

In 1913 had Strackes voordracht over Volksslaap en -Ontwaken voor de Katholieke Vlaamse Hogeschooluitbreiding, veel bijval geoogst. Daarin betoogde Stracke dat het Vlaamse volk na de 16de eeuw in slaap was gevallen. Tussen hoger en lager ontwikkelden ontstond een kloof en het volk werd van zijn beschaving afgesloten. Het moet weer omhoog worden getild, "door eigen kracht, voor eigen ideaal, dat, Gode zij dank, door en door katholiek is." Materiële welvaart moest de voorwaarde zijn tot geestelijke en zedelijke wedergeboorte.

Dit thema werd opnieuw behandeld in de voordracht Arm Vlaanderen die pater Stracke op 13 november 1913 te Borgerhout (Antwerpen) hield voor de Katholieke Vlaamsche Wacht. Ook deze voordracht kende veel succes. Zij werd in 1914 in brochurevorm uitgegeven. Stracke begint met schrijnende voorbeelden van het pauperisme. "Om wat te verdienen doen onze Vlaamse mensen de grofste, vuilste, ongezondste arbeid, en dan nog wel op een wijze, die de Vlaamse mensen grof, vuil en ongezond moet maken naar ziel en naar lichaam." Maar het eigenlijke onderwerp van Stracke is "de zielsarmoede van ons ras." Om die uit te leggen geeft hij een overzicht van de situatie sedert de stichting van de Belgische staat: "Er zijn twee bloedeigen dingen, die vele oer-Vlaamse mensen niet kennen: hun taal en hun geschiedenis. (...) en daarom is het rijke Vlaanderen der zogezegde leidende standen arm, doodarm, omdat het de innerlijke krachten van zijn wezen niet kent en niet opvoedt, of die krachten versmaadt, en teren wil op vreemde spijs." Men heeft het volk zijn geschiedenis niet geleerd, omdat de kennis daarvan de Belgische eenheid in gevaar zou kunnen brengen. Stracke wijst erop, dat "wat de Vlamingen vroegen, hun stelselmatig werd geweigerd". Kregen zij iets, dan was het "uit vrees voor erger". De onrechtvaardigheden werden zelfs als "een rechtmatige, heilzame toestand" voorgesteld. Vlaanderen kan zijn vroegere waarde terugvinden en er zijn al tekenen van wederopleving. Maar "alvorens te jubelen" moet nog over "Arm Vlaanderen" worden gesproken. "Niet arm, omdat het zo verassepoesterd werd, maar arm omdat het zich zo verassepoesteren liet. Arm Vlaanderen, en waaraan? Arm aan doorzicht en karakter, aan bewustzijn en fierheid, zo zegt het nuchter mensenverstand, arm aan liefde, liefde tot God en liefde tot de naaste, zo zegt mijn priesterhart." Vlaanderen blijft arm "zolang er Vlamingen zijn uit de burgerstanden, die in de kleinste rechtsverkrachting berusten, en niet voelen dat zij dan een gestolen adelnaam dragen". De Vlamingen zijn geworden "tot een kuddevolk onder de beschaafde rassen van Europa". Zij kunnen niet meer spreken, zij zijn onwetend. "Gebrek aan ontwikkeling baart armoe, en armoe gebrek aan beschaving". Stracke eindigt met een oproep tot "liefdewerk" voor dit "verdierlijkt" volk en hij noemt de Vlaamse katholieke beweging een "kruisvaart voor recht en voor deugd".

De voordracht en het geschrift kregen zo'n weerklank, dat velen het begrip 'Arm Vlaanderen' uitsluitend met de naam van de jezuïet gingen verbinden. Stracke vond een groot gehoor door de mengeling van spot, zakelijkheid en bewogenheid. De brochure verscheen in het jaar waarin de Eerste Wereldoorlog losbrandde en vele jonge Vlaamse intellectuelen, op wie Stracke invloed uitoefende, zouden weldra aan het front dieper kennismaken met de armoede van hun volk. "Het is een bittere aanklacht," zegt Hendrik Elias, "waarin de revolte van het activisme smeult."

Literatuur

R. Stijns en I. Teirlinck, Arm Vlaanderen, 1884; 
A. de Winne, A Travers les Flandres, 1902; 
id., Door Arm Vlaanderen, 1903; 
D.A. Stracke, Arm Vlaanderen, 1914; 
J. Kuypers, Bergop, 1957; 
H.J. Elias, Geschiedenis van de Vlaamse Gedachte, IV, 1963; 
M. Lamberty, 'Arm Vlaanderen', in De Vlaamse Opstanding, I, 1971; 
N. Verschoore, 'Vrijzinnige literatuur in Vlaanderen, dl. 4', in Boek en bibliotheek, tijdschrift van de Bibliotheekvereniging van het Willemsfonds (juli-september 1981); 
H. Desmet, 'Arm Vlaanderen, hybridische roman uit de periode rond de eeuwwisseling', in Verslagen en Mededelingen van de KANTL (1984).

Verwijzingen

zie: Antwerpen-provincie, taalminderheden (Vlamingen in Wallonië).

Auteur(s)

Gaston Durnez