Almanak voor de leerende jeugd van Vlaanderen

Uit NEVB Online
Ga naar: navigatie, zoeken

West-Vlaamse studentenalmanak, uitgegeven bij M. Delplace te Brugge (nieuwjaar 1875 en 1876).

De Almanak werd uitgegeven door de Gilde der Westvlaamsche Gebroeders of Westvlaamsche Gilde waarin een vijftal Brugse seminaristen zich op initiatief van Amaat Vyncke en Zeger Maelfait verenigd had. Hij was bedoeld als tegenhanger van de militant vrijzinnige studentenalmanak van het Gentse 't Zal wel gaan en wilde, zoals de prospectus van 22 augustus 1874 vermeldde "een machtige eenheid" bewerken tussen de katholieke scholieren om gezamenlijk te strijden "met de tong en de pen voor 't katholiek geloof, voor de Vlaamse taal en voor 't Vaderland". De Almanak zou verschijnen onder het motto "Met 't kruis in top, zoo varen wij door 't wereldtij ten hoogen hemel op". Naast uiteraard de heiligenkalender publiceerde hij gedichten en taalkundige stukjes en gaf ook zakelijke informatie zoals de uitslag van de door de bisschop uitgeschreven wedstrijd tussen de colleges van het bisdom en de vermelding van de namen van de voornaamste kerkelijke en wereldlijke overheden en van de leraren van de West-Vlaamse colleges. De Almanak voor 1875 bracht in ultramontaanse geest hulde aan de zouaven, aan Pius IX en aan zijn anti-liberale Syllabus errorum. Hij spoorde de jongeren aan tot een militante geloofshouding en tot de beoefening van christelijke naastenliefde om aan de sociale noden van de tijd tegemoet te komen. Hij riep hen ook op om zich naar het voorbeeld van de middeleeuwse gilden te verenigen in een 'broederschap' onder bescherming van Sint-Lutgardis opdat de jeugd haar steentje zou bijdragen om de V.B. op de 'ware' katholieke weg te houden. Hij pleitte verder voor het gebruik en de bestudering van de dialectische volkstaal. De collegeoverheid werd met respect benaderd en als na te volgen voorbeeld gesteld voor de scholieren. De Westvlaamsche Gebroeders hadden bij de redactie medewerking gekregen van Guido Gezelle, van enkelen van diens oud-leerlingen (de priesters Karel Callebert en Karel Blancke en scheutist A. Devos) en vier leraars van het Klein Seminarie van Roeselare (Alfons van Hee, Emiel Demonie, Alexis de Carne en Hugo Verriest).

De uitgave van de Almanak betekende een eerste beslissende stap in het op gang komen van een georganiseerde katholieke Vlaamse studentenbeweging. Er werden meer dan 1200 inschrijvers geboekt en de publicatie vond een gunstig onthaal in de pers. Het succes bracht de Westvlaamsche Gebroeders ertoe om al met Pasen 1875 van start te gaan met de uitgave van het driemaandelijks studententijdschrift De Vlaamsche Vlagge dat tot 1933 onafgebroken zou blijven verschijnen. Van de Almanak verscheen nog één aflevering met nieuwjaar 1876. Evoluerend met de veranderende mentaliteit vanaf De Groote Stooringe in het Klein Seminarie van Roeselare had hij een meer contestataire en Vlaamsstrijdende inhoud. Hij bevatte onder meer Albrecht Rodenbachs bekende Nieuwjaarsgroet waarin deze Roeselaarse retoricaleerling de katholieke studerende jongeren van het hele Vlaamse land aanspoorde tot het smeden van "een trouwe gildenband". Dat de Almanak intussen ook respons had gevonden buiten West-Vlaanderen bleek uit de bijdragen die in deze tweede aflevering verschenen van de hand van Jakob Muyldermans, filosofiestudent in het Klein Seminarie van Mechelen.

Literatuur

Het Vlaggeboek, 1926; 
L. en L. Vos-Gevers, Dat volk moet herleven. Het studententijdschrift De Vlaamsche Vlagge 1875-1933, 1976; 
L. Gevers, Bewogen Jeugd. Ontstaan en ontwikkeling van de katholieke Vlaamse studentenbeweging (1830-1894), 1987.

Auteur(s)

Lieve Gevers